Nabestaanden gekwetst door rede prins Bernhard op 4 mei 1955.

001

Tijdens de dodenherdenking op vrijdagmiddag 4 mei 1955 in de Haagse Ridderzaal verkondigde prins Bernhard in een toespraak dat herdenken geen ziekelijk stilstaan bij het verleden mocht zijn. “Wij moeten er voor waken dat dit gedenken niet ontaardt in het periodiek doen herleven van gevoelens van vijandschap en wrok jegens hen die aanleiding waren tot het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog”, aldus de Prins. Amper 10 jaar na het einde van de Duitse bezetting kwam deze uitspraak voor de duizenden nabestaanden die in de oorlog hun dierbaren hadden verloren keihard aan. En de voormalige verzetskrant ‘De Waarheid’ schreef nog dezelfde dag verontwaardigd: “Met andere woorden: ons volk moet naar de mening van de regering de Hitler-bende, die aanleiding was voor de laatste oorlog en de moordaanslag op ons land, niet langer haten.”

002

003

Saillant detail is dat prins Bernhard aan het slot van zijn herdenkingsrede enkele versregels citeerde van de Vlaamse priester-dichter Cyriel Verschaeve. Genoemde priester was tijdens de oorlog een zware collaborateur die vlak na de bevrijding op de vlucht sloeg en onderdook in Oostenrijk. In 1946 werd hij door het tribunaal in Brugge bij verstek ter dood veroordeeld.

004

005

Gerard