Met de ernstige waarschuwing werd niets gedaan.

Al in de jaren ’80 werden veel Nederlandse steden geteisterd door criminele Marokkaanse jongeren die in het kader van de gezinshereniging naar Nederland waren gekomen.

Eind 1988 verscheen het rapport “Marokkaanse daders in de binnenstad” waarin gewaarschuwd werd voor de opkomst van Noord-Afrikaanse jongeren die zich bezighielden met zware straatcriminaliteit. De uitkomst van dit onderzoek was dat er alleen al in Amsterdam twee- tot driehonderd Marokkaanse jongens in jeugdbendes opereerden die de binnenstad terroriseerden. Die conclusies leidden echter tot een storm van kritiek en verontwaardiging: de feiten zouden stigmatiserend en racistisch zijn. Ondanks dat in het rapport stond dat als er niet zou worden ingegrepen hele generaties zouden ontsporen werd door de bestuurders gekozen om te blijven pappen, nathouden, theedrinken en hardnekkig wegkijken.

Gerard