Alle berichten door Gerard de Boer

Nederlandse regering had lak aan de Grondwet.

Toen Nederland na de bevrijding in 1945 als eerste land ten oorlog trok, werden Nederlandse dienstplichtigen – veelal tegen hun zin – door de toenmalige regering gedwongen naar Nederlands-Indië gestuurd. Dit ondanks dat het in strijd was met artikel 192 van de Grondwet dat namelijk bepaalde dat Nederlandse dienstplichtigen slechts met hun eigen toestemming mochten worden uitgezonden naar overzeese gebiedsdelen. Pas op 4 augustus 1947 was de wet gewijzigd en onder nummer H293 in het Staatsblad afgedrukt. En pas vanaf dat moment was het dus rechtsgeldig om dienstplichtige soldaten overzee te sturen, maar toen waren er al duizenden dienstplichtigen in Nederlands-Indië en inmiddels honderden van hen gesneuveld of zwaar verminkt in deze koloniale oorlog. Met de wijziging van artikel 192 van de Grondwet werd ook meteen de dienstplicht verlengd van elf maanden naar drie jaar om de jongens langer in Nederlands-Indië te kunnen houden, want “Indië verloren, rampspoed geboren”, was indertijd het credo.

01

02

03

Een figuur die in 1946 zeer actief was met het verwijzen naar artikel 192 van de Grondwet was de oud-verzetsman professor Johan Willem Pootjes. Met het bewuste artikel van de Grondwet in zijn hand hield hij hierover lezingen in Amsterdam en Hilversum dat door duizenden mensen, waaronder honderden dienstplichtige militairen, werden bezocht. Dit tot groot ongenoegen van de autoriteiten. Op donderdagochtend 3 oktober 1946 werd Pootjes dan ook door de politie van zijn bed gelicht omdat hij “een bepaalde politieke activiteit aan de dag legde”. Pas op 15 augustus 1947 werd tegen hem vier jaar gevangenisstraf geëist “wegens het aanzetten tot desertie”. De rechtbank deed echter geen uitspraak omdat men twijfelde aan de geestelijke vermogens van Pootjes. De rechter vond blijkbaar dat iemand die dienstplichtige militairen terecht op artikel 192 van de Grondwet wees niet goed bij zijn hoofd was……

04

05

Zie ook mijn artikel over de dienstplichtige sergeant Joost van der Grijp: De Grondwet mocht niet baten.

Gerard

Deportaties naar Westerbork moesten doorgaan van de Nederlandse ballingenregering.

In 1955 werd in de dagbladen bekend gemaakt dat tijdens de bezetting de Nederlandse ballingenregering in Londen vond dat de Nederlandse Spoorwegen de Duitse bezetter behulpzaam moest zijn met het deporteren van joden naar het doorgangskamp Westerbork. Dit was overigens al op 18 september 1953 naar voren gekomen uit het verhoor onder ede van de oud-verzetsman G.F.H. Giesberger door de Parlementaire Enquêtecommissie Regeringsbeleid 1940-1945, maar stond dus pas twee jaar later in de krant. Overigens zonder dat dit tot veel ophef heeft geleid…….
Giesberger, die als hoofdinspecteur verantwoordelijk was voor de dienstregeling bij de Nederlandse Spoorwegen (en algemeen directeur van 1 maart 1946 tot 1 juli 1950), stond tijdens de bezetting – samen met de op 28 oktober 1944 gefusilleerde verzetsman Cootje van den Bosch – via een geheime zender in contact met de Nederlandse ballingenregering in Londen. Al vanaf het begin van de transporten van Amsterdam naar Westerbork op 15 juli 1942 hadden ze herhaaldelijk aan Londen gevraagd wat er in verband met de deportaties gedaan moest worden, maar telkens kregen ze weer te horen dat die moesten doorgaan.

Aanklikken om te vergroten.

wp1

wp2

De verklaring van Giesberger bevestigde hetgeen de toenmalige minister van Verkeer Van Schaik jaren daarvoor, op 17 september 1945, al had gezegd, namelijk dat het treinvervoer naar de concentratiekampen de plicht was die de Nederlandse regering van het spoorwegpersoneel eiste omdat het goed was voor de Nederlandse economie. Vandaar dat het goed georganiseerde verzet in Drenthe ook nooit de spoorlijn naar Westerbork heeft gesaboteerd!

wp3

wp4

wp5

Smalhout11122010

Op 13 september 1944 vertrok het laatste grote transport met 279 Joden, waaronder 77 ontdekte ondergedoken kinderen naar Westerbork. Vier dagen later, op 17 september 1944, ging de NS op bevel van de Nederlandse ballingenregering pas in staking.

wp6

Zie ook mijn artikelen:

Harer Majesteits gezant adviseerde om na de oorlog geen joden op hoge regeringsposities te benoemen.

“Van dat tuig is er nooit één ter verantwoording geroepen!”

Gerard

Omgetoverd van een jong invloedrijk lid van Hitlers lijfwacht in een Prins der Nederlanden.

De eerste berichten dat prins Bernhard lid was geweest van Hitlers lijfwacht verschenen in twee gezagsgetrouwe kranten, namelijk op 3 januari 1937 in de katholieke De Tijd en op 4 januari 1937 in de gereformeerde De Banier. Dit naar aanleiding van het feit dat  vanwege een paar anti-Duitse incidenten in Nederland de paspoorten van drie Duitse prinsessen – die bij het prinselijk huwelijk op 7 januari als bruidsmeisjes zouden fungeren – door de Duitse autoriteiten waren ingetrokken. De Tijd schreef: “Prins Bernhard, die voor hij het Nederlandse staatsburgerschap verwierf lid was van Hitlers lijfwacht, heeft onmiddellijk per speciale zending aan Hitler gevraagd de nodige maatregelen te treffen”.
De invloed van de Prins heeft in ieder geval succes gehad want de paspoorten zijn daarna meteen aan de bruidsmeisjes teruggegeven zodat ze alsnog naar Nederland konden reizen.

01

02

De vroegere ‘functie’ van prins Bernhard werd op 28 januari 1937 wederom naar voren gebracht in een toespraak door professor Van Ginneken ter herdenking van het prinselijk huwelijk tijdens een publieke senaatsvergadering in de aula van de Universiteit Nijmegen, waarbij overigens ook jhr. mr. Smits van Oyen, de afgevaardigde van koningin Wilhelmina, aanwezig was. Hier een gedeelte uit de toespraak van professor Van Ginneken: “En prins Bernhard? Meent gij dat hij zo vanzelf maar is omgetoverd van een jong invloedrijk lid van Hitlers lijfwacht in een Prins der Nederlanden? Waar twee zulke jonge mensen de leiding nemen van ons volk kon dan ook heel veel gebeuren, dat vele ouderen reeds lang onmogelijke waanden Bij toverslag is Nederland uit zijn matte verdruktheid opgestaan. De economische crisis en de algemene werkloosheid hadden ons murw geslagen. Er was geen moed, geen hoop meer in ons volk. En nu is er een enthousiasme losgeslagen, dat niemand had meegemaakt” (verslag De Tijd, 28-01-1937).

Lijfw2017

Maar niet iedereen was zo enthousiast over deze omgetoverde lijfwacht. En zeker niet het dagblad De Tribune dat op 1 februari 1937 als volgt uithaalde: “We moeten zeggen, dat wij de vreugde van prof. van Ginneken, omdat een jong invloedrijk lid van Hitler’s lijfwacht is ‘omgetoverd’ in een Nederlandse prins en nu de leiding gaat nemen van ons volk, in het geheel niet delen….”.

LijfwFB2

En Het Volksdagblad vroeg zich op 1 juli 1938 af of het “hoogste wensen en begeren” van NSB-leider Mussert soms iets te maken had met de speciale (nationaal-socialistische) verlangens van de NSB: “Want Mussert weet natuurlijk ook wel dat Bernhard eens tot de lijfwacht van de heer Hitler behoorde” .

LijfwFB3

Zie ook:

De prinselijke doofpot.

Diplomatiek berichtenverkeer in 1944 over het SS-lidmaatschap van prins Bernhard.

Spontane Nederlandse jeugd verwelkomt prins Bernhard met de Hitlergroet.

Prinses Juliana bezocht in 1936 de Nazi-Olympiade.

Gerard