Categorie archief: Tweede Wereldoorlog

Gevluchte koningin Wilhelmina en haar regering wilden het met Hitler op een akkoordje gooien.

De op 13 mei 1940 gevluchte Wilhelmina en haar regering zaten nog maar amper een dag in Engeland, ‘om van daaruit de strijd voort te zetten’, of ze waren alweer van plan om –  tegen de afspraken met Engeland en Frankrijk in – met Nazi-Duitsland te gaan onderhandelen. Dat blijkt onder andere ook uit een vrijgegeven, geheim document uit het Britse archief.
Op de morgen van de 14e mei 1940 werd de Engelse minister van Buitenlandse Zaken lord Halifax benaderd door een verontruste Charles Corbin, de Franse ambassadeur in Londen. Dit naar aanleiding van een brief die Wilhelmina naar de Franse president Lebrun had gestuurd, en waaruit het Nederlandse voornemen werd opgemaakt.
Dit was overigens nog voor het Duitse bombardement op Rotterdam dat pas die middag om 13:30 uur zou plaatsvinden.

Onder druk van Churchill en het Britse oorlogskabinet werd het Nederlandse plan afgeblazen en moest Wilhelmina haar minister-president De Geer ontslaan en vervangen door Gerbrandy.

WilhHitler

Zie ook mijn artikel: De ‘plotselinge’ vlucht van koningin Wilhelmina en haar regering in mei 1940 was al vanaf november 1939 voorbereid.

Gerard

“Van dat tuig is er nooit één ter verantwoording geroepen!”

Met instemming van de Nederlandse ballingenregering in Londen heeft de NS jarenlang meegewerkt aan de belangen van de Duitse bezetter met het vervoeren van joden naar Westerbork, het wegvoeren van Nederlandse arbeidskrachten en het vervoer van Duitse troepen en wapens door heel Nederland.
Zie ook: Deportaties naar Westerbork moesten doorgaan van de Nederlandse ballingenregering.

Pas in het vierde oorlogsjaar, op 17 september 1944, riep de ballingenregering via Radio Oranje, ‘in het volle besef van de moeilijkheden die daardoor ontstaan’ op tot een spoorwegstaking. Dat was overigens 4 dagen na het laatste grote transport met 279 joden, waaronder 77 ontdekte ondergedoken kinderen naar Westerbork op 13 september 1944.
De bedoeling achter de staking was het lamleggen van het Duitse troepentransport in verband met de geallieerde luchtlandingen bij Arnhem. Aan de oproep gaven 30.000 personeelsleden van de NS gehoor en legden het werk neer.

wp6Op donderdag 5 oktober 1944 erkende premier Gerbrandy voor Radio Oranje dat de spoorwegstaking voor een belangrijk deel oorzaak zal zijn van een te verwachten hongersnood.

02

Hij zou gelijk krijgen, want als gevolg van de staking konden uit Groningen het graan en de aardappelen niet meer naar het westen van Nederland worden vervoerd. Ook voor de scheepvaart was het onmogelijk om via het IJsselmeer het broodnodige voedsel uit het noorden te vervoeren, aangezien de schepen door geallieerde vliegtuigen werden beschoten. Tot overmaat van ramp bevroren eind november 1944 ook nog eens alle waterwegen dicht. En de honger begon al meer aan de magen te knagen.

03

Ondanks dat al na een paar weken was gebleken dat de spoorwegstaking totaal geen effect had op het verloop van de strijd van de geallieerden tegen nazi-Duitsland, en ondanks dat begin januari 1945 al talloze Nederlanders de hongerdood waren gestorven, weigerden koningin Wilhelmina en haar ballingenregering het stakingsparool in te trekken: “Het was aan het volk de plicht te gehoorzamen. Zulks in weerwil van de moeilijkheden in de voedselvoorziening”.
Radio Oranje: ‘De regering wenst nogmaals met nadruk te wijzen op de noodzaak van een onverzwakte voortzetting van de spoorwegstaking, die dient te geschieden in weerwil van de grote moeilijkheden van de voedselpositie’.

04

Uiteindelijk kwam er eind januari 1945 ruim 5000 man Duits spoorwegpersoneel – dat noodgedwongen was vrijgemaakt van het vervoer van manschappen en materieel naar het Oostfront – naar ons land om in ieder geval de gaarkeukens in het dichtbevolkte westen des lands te bevoorraden.

05

06

Op bevel van Wilhelmina en haar ballingenregering heeft de zinloze spoorwegstaking 8 maanden geduurd en zijn duizenden mannen, vrouwen en kinderen van de honger gestorven.
Alleen al in één Rotterdamse wijk (Crooswijk) waren het er 6.913.

De auteur Jan Cremer, die als kind tijdens de hongerwinter ook te lijden heeft gehad, zal in 1983 in zijn boek ‘De Hunnen’ schrijven:

De Nederlandse regering had ons vanuit Londen de grote spoorwegstaking bevolen. Dat was even makkelijk, om vanuit het veilige Engeland de lakens uit te delen aan de onderdrukte landgenoten overzee.
Even vertellen hoe het moet! Met de champagne in de koeler en een vette fazant op tafel. Vanuit de diepe fauteuil, een glas drank in de ene hand, een vette bolknak in de andere, bevelen snauwen voor de microfoon. Vanuit Londen werden we op het dagelijks luisterkwartiertje gecommandeerd. De bevolking werd opgeroepen om dit te doen, om dat te doen…… Dan kwam Hare Majesteit met haar dikke lijf vanachter de slagroomtaart vandaan en deed ook nog even een duit in het zakje, “Landgeneuten……..” Ze wenste ons veel kracht toe en moed te houden, we moesten ons niet laten vertrappen door de Duitse laars en verzet blijven plegen.
Heel wat mensen aan deze kant van de Noordzee baalde van deze opruiende taal. Behalve een paar halvegare oranjeklanten, maar die vonden alles prachtig, interessant, van enorm belang wat Hare Majesteit verkondigde. Die lieten zich ook opjutten en droegen oranje speldjes, die riepen zelfs nog “leve de koningin” voor het vuurpeloton. De regering in ballingschap, aan de overkant van de Noordzee en wij hier met de blote vuist tegen het Herrenvolk de kastanjes uit het vuur halen; die leefden daar totaal buiten de realiteit.
En opeens mocht er van die Londense kliek niet meer met de treinen worden gereden, wat resulteerde in een hongerwinter. Half Nederland crepeerde van de honger en vroor dood op straat. Er kwamen sowieso al geen kolentransporten meer uit de Limburgse mijnen door de bevrijding van het zuiden van Nederland, dus er was geen licht, geen gas, de fabrieken sloten de poorten, en de bevolking mocht thuis op ’n houtje gaan zitten bijten. Maar er was eten genoeg, maar geen vervoer. In Groningen lagen de aardappels te rotten, huizenhoge bergen goede aardappels, de hele aardappeloogst lag te rotten omdat de treinen niet meer mochten rijden op bevel van Hare Majesteit. De rogge lag te beschimmelen. De boeren kregen de aardappels niet meer naar de Amsterdamse gaarkeukens getransporteerd omdat de NS plat was gegaan. Ouden van dagen, vrouwen en kinderen, vooral de armen stierven door voedselgebrek, vroren dood in die strenge winter.
Door het bevel tot de spoorwegstaking door die Londense emigrantenkliek stierven duizenden onschuldige burgers de hongerdood. Van dat tuig is er nooit één ter verantwoording geroepen!

 

Zie ook mijn artikel: Amerikanen weigerden begin 1945 voedsel te droppen voor de hongerende Nederlandse bevolking.

En klik hier voor het verhaal van Bert van Vondel wiens zusje Sophia in de hongerwinter overleed.

Gerard

 

Vijf jaar na de oorlog gaven de laatste soldaten van de Duitse Wehrmacht zich over.

In 1944 landden Feldwebel Kulik met 11 Duitse marconisten op Koning Wilhelm Land in noordoost-Groenland bij Lombvik, teneinde daar voor een radioverbinding te zorgen voor een meteorologisch station van het Duitse opperbevel. Daarnaast hadden de soldaten tot taak in contact te blijven met de Duitse U-boten op de Atlantische Oceaan.
De marconisten vestigden zich met hun apparatuur 30 mijl landinwaarts en schenen het leven daar niet zo slecht te vinden. Er was genoeg te eten en ze werden goede maatjes met de Eskimo’s van het naburige dorp. De vier vrijgezellen van het Kommando-Kulik, zoals de naam van de groep luidde, traden later zelfs in het huwelijk met Eskimomeisjes.

Na de oorlog besloten de 12 Wehrmacht-soldaten op Groenland te blijven, aangezien ze niet graag opgesloten wilden worden in een geallieerd krijgsgevangenkamp. Via hun radiotoestellen volgden ze de gebeurtenissen en in 1949 slaagde Harry Gebert via zijn zender in contact te komen met een radioamateur in Essen, wie ze betrouwbaar genoeg achtten. De berichten die ze uit Duitsland kregen, deden hen absoluut niet terugverlangen naar hun vaderland. Temeer daar ze allemaal afkomstig waren uit gebieden ten oosten van de Oder-Neisse grens.
De contacten met de Heimat hadden nog jarenlang kunnen doorgaan, ware het niet dat in augustus 1950 een Russisch flotille aan het oefenen was in de wateren van Spitsbergen. De Russische telegrafist van een torpedobootjager ving tot zijn verbazing uit de buurt van noordoost Groenland een oproepsein van de Wehrmacht op, gevolgd werd door een uitgebreide uitwisseling van berichten tussen de radioamateur in Essen en de Duitsers op Groenland. De kwestie werd aan Moskou bericht, waarna de Russische torpedobootjager bevel kreeg de steven te wenden en een onderzoek in te stellen. Uiteindelijk eindigde dit met de overgave van het hele Kommando-Kulik. De Duitsers werden naar de Poolse haven Stettin gebracht en 8 maanden later, in april 1951, vrijgelaten. Saillant detail is nog dat oud-Feldwebel Kulik later in Essen kwam te wonen, waar hij goed bevriend raakte met de vroegere radioamateur.

Groenlnd1

Groenlnd2

Gerard

Amerikaanse atoombomaanval op Japan was bedoeld als machtsvertoon tegenover Stalin.

Na de oorlog hebben zowel de marine-inlichtingenofficier admiraal Ellis Zacharias als de voormalige Amerikaanse president Dwight D. Eisenhower geschreven dat de Amerikaanse atoombomaanvallen op Hiroshima en Nagasaki in augustus 1945 nooit nodig waren geweest.
Zo schreef Ellis Zacharias in juni 1950 dat ook zonder de atoombommen Japan op 15 september 1945 zou hebben gecapituleerd, en Eisenhower schreef in 1963 in zijn memoires dat het atoombombardement volstrekt onnodig was omdat Japan reeds was overwonnen.

01Zachar

02Eisenh

03Eisenh

En dr. A. Stam schrijft in zijn boek ‘100 jaar Wereldgeschiedenis 1870-1970’ (uitgeverij Oosthoek, 1971) dat in Japanse regeringskringen in juli 1945 de neiging bestond om te capituleren.
Citaat: ‘Door decodering van Japanse diplomatieke telegrammen was dit ook aan de Amerikaanse regering bekend. Toch was zij vast besloten de atoombom te lanceren, waarbij zich de overweging deed gelden dat deze machtsdemonstratie de weerbarstige USSR inschikkelijker zou maken’.
Na de Conferentie van Jalta in februari 1945 waren er tussen Roosevelt en Churchill enerzijds en Stalin anderzijds spanningen ontstaan over de verdeling van de macht in Europa. Met name wat betreft  Polen. Volgens Roosevelt was Stalin bezig de afspraken van Jalta op zìjn eigen manier te interpreteren. Twee weken voor zijn dood schreef hij op 12 april 1945: ‘Stalin heeft alle beloften gebroken die hij op Jalta heeft gedaan!’
Het was Roosevelts opvolger Truman die besloot om de atoombommen zo snel mogelijk in te zetten door Stalin te tonen dat de VS over een zeer krachtig massavernietigingswapen beschikte en dat het ook bereid was dit te gebruiken.

Ondanks dat Japan dus op het punt stond te capituleren verwoestten de twee bommen op 6 en 9 augustus 1945 op een afgrijselijke manier de steden Hiroshima en Nagasaki, met als gevolg dat ruim 250.000 mannen, vrouwen en kinderen om het leven kwamen dat in jaren daarna nog enige honderdduizenden aan stralingsziekte en kanker zouden overlijden.
Opgeofferd om Stalin inschikkelijker te maken aan de wensen van Amerika en Engeland.

Overigens was ‘atoombomgooier’ Truman ook de man die vlak na de Duitse inval in Rusland in juni 1941 tegen The New York Times had gezegd: “If we see that Germany is winning we ought to help Russia and if Russia is winning we ought to help Germany and that way let them kill as many as possible”.

04Truman

Gerard

Een wereldvreemde historica.

In 2005 beweerde de Indonesische historica Imelda K. Salim tegenover de Jakarta Post dat de meeste Nederlanders en Indische Nederlanders tijdens de Japanse bezetting (1942-1945) naar Nederland zijn gegaan.
Dus circa 300.000 mannen, vrouwen en kinderen naar het door Nazi-Duitsland bezette Nederland? Blijkbaar heeft deze mevrouw nog nooit van de Jappenkampen, de Birma-spoorlijn, etc. gehoord.

JakPost

Gerard

Amerikanen weigerden begin 1945 voedsel te droppen voor de hongerende Nederlandse bevolking.

Ondanks dat er duizenden Nederlandse mannen, vrouwen en kinderen stierven van de honger, hebben de Amerikaanse militaire chefs van staven begin 1945 geweigerd om voedsel te droppen boven Nederlands bezet gebied. Dat is gebleken uit documenten die door het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken in januari 1968 zijn vrijgegeven.
‘Voedselhulp is niet in het belang van de oorlogvoering. Daarom zijn, van militair standpunt uit, voedselzendingen ongewenst’, schreven de chefs van staven in februari 1945.
Van diverse kanten, waaronder zelfs het Vatikaan, werd er bij Washington op aangedrongen om maatregelen te nemen, maar de militairen bleven hardnekkig weigeren.

01

Het waren dus alleen de vliegtuigen van de Britse RAF die op 29 april 1945 voor het eerst begonnen met de voedseldroppings, bestaande uit blikken margarine hamspek, kaas, eierpoeder en repen chocolade.
Een paar dagen later gaven de Amerikaanse chefs van staven, zij het met tegenzin, hun verzet op zodat op 1 mei 1945 ook de Amerikanen met het droppen van voedsel begonnen.
Later kwam men met de verklaring dat de Amerikaanse vliegtuigen ‘door het slechte weer’ niet eerder hadden kunnen opstijgen. Daar hadden de Britse vliegtuigen dus blijkbaar geen last van gehad.

Overigens doet nog steeds het verhaal de ronde over het Zweedse wittebrood dat in het voorjaar van 1945 ook uit vliegtuigen zou zijn gedropt. Niets is minder waar. Hierbij dus wat feiten:
Onder het motto ‘En stormflod av hjälp kan rädda Holland’ zamelde het Zweedse Rode Kruis eind 1944 geld in om voedselhulp te bieden aan Nederland.
Met het geld werd onder meer meel, margarine en grutterswaren aangeschaft, dat vervolgens eind januari 1945 met kustvaarders naar Delfzijl werd gebracht.

02

03

Door allerlei moeilijkheden, zoals de spoorwegstaking en het dichtvriezen van de waterwegen, konden de levensmiddelen pas vanaf eind februari 1945 worden getransporteerd naar het westelijk deel van Nederland.
De Zweedse etenswaren werden dus niet uit vliegtuigen gedropt, maar na bereiding gedistribueerd door bakkers en kruidenierswinkels. Tegen inlevering van een aantal voedselbonnen kon de bevolking gratis 400 gram brood, 125 gram margarine en 250 gram grutterswaren afhalen.

04

Zoals gezegd bestond het voedsel dat uit de vliegtuigen werd gedropt dus voornamelijk uit blikken margarine, hamspek, kaas, eierpoeder en repen chocolade.

05

06

Gerard

Over het verbod van het noemen of gebruiken van de namen van de Oranjes.

In tegenstelling tot België en Denemarken, waar de vorsten wel op hun post waren gebleven, trad op 17 september 1941 in Nederland de verordening in werking dat het noemen of gebruiken van de namen van de op 13 mei 1940 gevluchte Oranjes voortaan verboden was.

01

Deze verordening werd op 3 januari 1942 gevolgd door een verbod van de betreffende namen voor straten, pleinen, parken, waterwegen, scholen, etc.

02

03

04

Overigens gold het in de eerste jaren van de Duitse bezetting als een ‘verzetsdaad’ om pasgeborenen te vernoemen naar de gevluchte Oranjes.

06

Sommige jongetjes kregen zelfs alle voornamen van prins Bernhard. En dat waren er nogal wat.

07

Maar na oktober 1942 konden de voornamen van de Oranjes niet meer bij de burgerlijke stand ingeschreven worden. Behalve dan als men een ouder of grootouder wilde vernoemen die één van dezelfde namen had.

08

09

Gerard