Tagarchief: CPN

De waarheid over de Februaristaking.

In Amsterdam wordt jaarlijks de Februaristaking van 1941 herdacht, maar het is nog steeds een hardnekkig misverstand dat de de jodenvervolging de aanleiding is geweest dat de Communistische Partij Nederland – CPN (later opgegaan in GroenLinks) de staking heeft georganiseerd. Hier een samenvatting:

Na de Nederlandse capitulatie in mei 1940 verkondigde de CPN-leiding dat er ‘direct noch indirect’ steun mocht worden verleend aan de geallieerde oorlogvoering, en dat tegenover de Duitse bezetter een ‘neutrale en correcte houding’ diende te worden ingenomen. De werkelijke vijanden van de communisten waren niet de Duitsers, maar het grootkapitaal en de Engelsgezinde Oranjeleiders.

01

02

Nazi-Duitsland en de Sovjet-Unie hadden namelijk op dat moment nog steeds een vriendschapsverdrag. Het initiatief tot de februaristaking in 1941 werd daarom dan ook genomen door een kleine groep individuele Amsterdamse communisten, die daarmee het standpunt van de landelijke CPN-partijleiding doorkruisten. Volgens de officiële CPN-lijn was de Tweede Wereldoorlog in februari 1941 nog steeds een ‘imperialistisch conflict’ en diende de partij zich te concentreren op ‘anti-kapitalistische acties’. Voor een ‘geïsoleerde strijd’ tegen de anti-Joodse terreur van de Duitse bezetters – het oogmerk van de initiatiefnemers van de staking – was in dit concept geen plaats. Na afloop van de tweedaagse staking schreef de CPN-leider Paul de Groot in het partijdagblad ‘De Waarheid’: ‘Niet tegen de antisemitische terreur en de Duitsche bezetting was de Amsterdamsche bevolking in opstand gekomen, maar voor loon en steun en tegen het Engelsche imperialisme en de daarmee verbonden Oranje-bourgeoisie.’ Pas na 22 juni 1941, toen Hitler een oorlog tegen de Sovjet-Unie begon, paste de CPN-leiding haar koers aan. Als reactie hierop schreef de sociaal-democratische verzetskrant ‘Vrije Gedachten’ geërgerd:

Wij vragen wat te denken van zulk een koerswijziging. Zij is niet principieel, zij is louter en alleen ontstaan uit het feit dat Rusland in oorlog kwam met Duitschland. Wij tekenen er dan nog bij aan dat deze koerswijziging niet gold voor andere dan communistische arbeiders. Deze hadden reeds eerder hun plaats principieel gekozen.

Gezegd moet worden dat de CPN na juni 1941 de best georganiseerde Nederlandse verzetspartij werd.

031

Gerard

De heksenjacht van ‘vadertje’ Drees.

Vier jaar na de bevrijding blies de toenmalige minister-president Willem Drees (PVDA) in 1949 de ‘Gestapo’ nieuw leven in. Iedereen die ‘linkser’ was dan de PVDA werd als staatsgevaarlijk beschouwd. Ook alle leden van de CPN en abonnees van De Waarheid werden in kaart gebracht. Bekend is het geval van een krantenbezorger die even zijn fiets in de steek had gelaten en de bezorglijst door een geheim agent uit zijn tas was gelicht. De lijst is later, na gekopieerd te zijn, als ‘gevonden voorwerp’ bij de politie afgeleverd.
De Nederlandse ‘Gestapo’ had ook een zwarte lijst aangelegd waarop de namen van circa 8000 communistische mannen en vrouwen vermeld stonden die ‘bij acuut dreigend oorlogsgevaar’ moesten worden opgepakt en geïnterneerd. Hieronder waren zelfs nogal wat  verzetsstrijders die tijdens de oorlog met inzet van hun leven de Nazi’s hadden bestreden.
Maar niet alleen communisten werden in de gaten gehouden; ook iedereen met enigszins afwijkende ideeën kwam in een aparte administratie terecht. Hieronder waren bezoekers van manifestaties tegen de regering, dienstweigeraars, vrijdenkers en zelfs Jehova’s Getuigen. Ook zij werden door ‘vadertje’ Drees als ‘potentieel staatsgevaarlijk’ beschouwd.

EVC1

EVC2

En 17 december 1951 vaardigde Drees een verbod uit dat ambtenaren geen lid meer mochten zijn van de CPN en de aan de partij gelieerde, en uit het verzet voortgekomen, vakbond EVC met 160.000 leden. Dit ondanks dat de CPN een legale partij was die op dat moment met 8 zetels in de Tweede Kamer zat. De maatregel van Drees was tevens in flagrante strijd was met Artikel 5 en 9 van de Grondwet en het bij internationale overeenkomsten erkende recht op vrijheid van aansluiting bij een vakvereniging.
In een felle brief aan Drees d.d. 18 december 1951 schreef het EVC-Verbondsbestuur dan ook dat ze zijn verbodsmaatregel zagen als  ‘een verder gaan op de weg naar het fascisme’ en een ‘uiting van de geest van Hitler en Seyss-Inquart’. Men eiste dan ook dat Drees zijn besluit onmiddellijk ongedaan zou maken.

EVC3

Het mocht niet baten. Op bevel van Drees werd een ware heksenjacht geopend op ‘verdachte’ ambtenaren, inclusief een systeem van verklikkers, het afluisteren van telefoongesprekken, etc..
Postbestellers, vuilnisophalers, politieagenten, medewerkers van het openbaar vervoer en nutsbedrijven, leraren, stratenmakers van Publieke Werken, etc. die desondanks toch nog lid waren gebleven van de CPN en/of EVC raakten brodeloos. En mocht men tegen het ontslag in beroep willen gaan dan was hij of zij niet vrij in de keuze van een advocaat. Die werd door de Nederlandse Staat aangewezen, waardoor de uitslag bij voorbaat al vaststond.
De CPN-fractievoorzitter Gerben Wagenaar noemde tijdens een interpellatie op 5 februari 1952 in de Tweede Kamer het ambtenarenverbod van Drees dan ook ‘een fascistische maatregel van het zuiverste water’ en dat hiermee de heksenjacht naar Amerikaans model geïntroduceerd werd. “Men moet al volkomen verblind achter  Amerika aanmarcheren, arm in arm met Christiansen en Guderian en met sir Oswald Mosley, om zich niet het weinig verheffende beeld te herinneren van de voorgangers der huidige fascisten, die met soortgelijke maatregelen de rechtszekerheid in hun landen ondermijnden en de bevolking overleverden aan Gestapo en Sicherheitsdienst”, brieste Wagenaar tegen Drees.

EVC4

Pas op 15 augustus 1970 werd het ambtenarenverbod opgeheven.
Tot slot kan nog gemeld worden dat de CPN in 1989 is opgegaan in GroenLinks. Reden voor nogal wat CPN’ers om op de dag dat dit werd besloten de rode vlag halfstok te hangen en over te stappen naar de SP.

Zie ook mijn artikel: Over onze “vrijheid” na de bevrijding.

Gerard